200 kilometer hemel of hel?

200 kilometer hemel of hel?

Ervaring speelt een belangrijke rol
29 January 2018

200km schaatsen. Daar kun je uiteenlopende predicaten aan hangen: ver, onmenselijk, machtig mooi, geestdodend, pijnigend, uitdagend, grensverleggend ….

Ik reed verschillende wedstrijden over 200 kilometer, in Finland, Oostenrijk en in Friesland. Die van 4 januari 1997 was mijn eerste en ook de mooiste, ook al kwam ik welgeteld één minuut buiten de tijdslimiet binnen op de Bonkevaart. In de tochten daarna wist ik steeds beter wat me te wachten stond. Ervaring speelde daarbij een belangrijke rol.

Een 200km schaatsen is een uitdaging. Een uitdaging is niet altijd leuk. 200km schaatsen is een verdomd eind. Mijn ervaring is, hoe vaker je hem rijdt, des te beter je hem leert kennen. Natuurlijk leer je je lichaam ook beter kennen en kun je beter anticiperen.

Probeer zo veel mogelijk randvoorwaarden te scheppen om een 200km goed uit te rijden. Dat betekent dat voor een goede voorbereiding moet zorgen: (duur)training, algemene fitheid, voeding, materiaal en, niet te vergeten, mentale balans. Wat de reis op zo’n 200km brengt, is ook sterk afhankelijk van externe factoren, zoals de toestand van het ijs, de wind, de temperatuur, hoe je je voeding opneemt, of eventuele materiaalpech. Veelal zaken waar je weinig tot geen invloed op hebt en dus ook geen energie aan moet verliezen.

Dan komt de grote dag. Gefocust blijven gedurende de dag, is een mooi doel op zich. Niet altijd makkelijk, wel van groot belang om op de been te blijven of in de wedstrijd mee te doen om het, voor jou, hoogst haalbare. Het verdelen van energie gedurende de hele rit, is heel essentieel. Wanneer je te veel energie verliest in het begin en met de gaskraan open rijdt, zul je later de tol moeten betalen. Regelmatig voeding tot je nemen, waar je maag aan gewend is, moet. Welke voeding dat is in welke fase van de 200km, is voor ieder weer net anders. Eet vooral wat je lekker vindt en je goed opneemt.

De fase van ‘er doorheen zitten’ kent vrijwel iedereen. De laatste 50km zijn meestal zwaarder dan de eerste 150km. Tenminste, zo ervaren mensen dat vaak. Je energie raakt op, je bent vermoeid, je komt alleen te zitten, je slaat voor de zoveelste keer keihard tegen de ijsvlakte, negatieve gedachten krijgen de overhand. Veel mensen krijgen last van kramp, dusdanig dat er geen magnesium tegen helpt. Er gebeurt zoveel. En dan is er vaak een ding doorslaggevend: karakter. De vraag is dan: hoe sterk is jouw geest nog om de torenhoog lijkende hindernissen te nemen? Vrijwillig en voortijdig de strijd staken, daar krijg je later spijt van.

Na 200km schaatsen het finishdoek zien, geeft iedere keer weer een euforisch gevoel. En dan nog al die verhalen na de tijd…

Piet Hijlkema

Wil je ook trainingsadvies of begeleiding van Piet. Ga snel naar zijn website voor meer informatie.