‘Ik reed met het snot op m’n bakkes, maar het was nu of nooit’ aldus Nederlands Kampioen marathon Robert Gaasenbeek. Gaasenbeek klopte Arjan Bakker in de sprint na een harde koers. De derde plek was voor Rudi Groenedal.

Het bal werd geopend door Arno van de Veen, die al in de eerste ronde een demarrage plaatse. Van de Veen pakte een halve ronde en wist 15 ronden uit de greep van het peloton te blijven. Toen hij eenmaal terug werd gepakt volgde een spervuur aan aanvallen, waarbij Alfred Bos een hoofdrol speelde. Maar ook Kurt van de Nes, en de oud-Nederlands kampioenen Albert Bakker, Arjan Bakker, en Rudi Groenedal probeerden vergeefs te ontsnappen, maar het snelle ijs van de vrieskist in Dronten liet dit echter niet toe.
Op 20 ronden voor het eind wisten Arnold Gaasenbeek en Tony van Vliet een gat te slaan, maar werden enkele ronden later weer ingerekend. Het fors uitgedunde peloton dreigde op zo’n tien ronden voor het eind nog te breken, maar koerst uiteindelijk aan op een massasprint. Zonder Albert Bakker, die twee ronden voor het eind viel.
De gebroeders Gaasenbeek wisten zich bij de eerste vier man te positioneren. ‘Rij zelf maar’ kreeg Robert van Arnold te horen. Vanuit de rug van Bakker lanceerde hij zich richting finish en pakte zijn eerste Nederlandse titel.
‘Halverwege de koers voelde ik me niet goed’ vertelde Gaasenbeek na de race. ‘Sterker nog, ik wist vorige week niet eens zeker of ik wel zou starten’. Gaasenbeek is momenteel klassementsleider in het Zesbanentoernooi, maar wist al een tijdje niet meer te winnen. En ook halverwege de koers zag het er even somber uit: ‘Ik zat op de verkeerde plek, maar Arnold wist me op te peppen’. Richting de finale begint hij in zijn kansen te geloven. ‘Ik heb een van de snelste, zo niet de snelste sprint van het peloton, dus ik dacht ‘nu of nooit’, zeker omdat ik Arjan dit seizoen al een paar keer had verslagen in de sprint.’