Nog twee weken en dan staat het Olympisch Kwalificatietoernooi op het programma in Heerenveen. Of schaatsers zich op bepaalde afstanden wel of niet plaatsen zal voor een deel afhangen van de prestatiematrix.

Slechts tien dames en tien heren mogen Nederland vertegenwoordigen tijdens de Olympische Spelen in Sotsji op het onderdeel langebaan. Zowel bij de dames als de heren zijn er vier plaatsen op de 500, 1000 en 1500 meter. Op de twee lange afstanden zijn dat er drie. Mochten op alle afstanden verschillende schaatsers zich plaatsen dan zijn er dus achttien mannen en achttien vrouwen die recht hebben op een startplek. Omdat er maar maximaal tien mogen starten zijn dat er acht teveel. Hiervoor is de prestatiematrix in het leven geroepen.

Aanwijsplaatsen

Er zijn geen individuele aanwijsplaatsen voor individuele afstanden tijdens het OKT en ook is niemand beschermd. Voor de ploegenachtervolging zijn wel twee aanwijsplekken ingeruimd. Op deze manier lijken bijvoorbeeld bij de heren Sven Kramer, Jan Blokhuijsen en Koen Verweij al vrijwel zeker van de Spelen. De kans lijkt bijzonder groot dat minimaal een van deze schaatsers zich individueel plaatst voor de Spelen. De andere twee schaatsers kunnen dan worden aangewezen voor dit onderdeel. De KNSB heeft ook nog de beschikking over één zogenaamde ‘calamiteitenplaats’, voor een ‘absolute wereldtopper’. Als de twee aanwijsplaatsen niet volledig worden gebruikt, komt daar nog een calamiteitenplaats bij.

De praktijk

In de praktijk zal het nooit gebeuren dat achttien verschillende schaatsers alle startbewijzen verdelen. Er zullen sprinters zijn die zowel startbewijzen veroveren op de vijfhonderd- als duizend meter en er zullen stayers zijn die plaatsen veroveren op de twee stayerafstanden. Het gaat dus vaak om de ‘laatste’ plekjes. Kijkend naar de NK Afstanden dan zouden 13 verschillende heren en 10 verschillende dames zich bij de 18 mogelijke geselecteerden plaatsen. Bij de heren vormt zich hier dus een probleem, want er zijn teveel schaatsers voor te weinig plekken. Bij de dames, zijn op basis van de NK Afstanden, deze problemen minder groot.

De prestatiematrix

Voor de Matrix zijn de internationale wedstrijden van dit seizoen en vorig seizoen van belang. Per afstand wordt bekeken hoe Nederland heeft gescoord tijdens deze wedstrijden. De matrix berekent de grootste kans op het grootst aantal medailles. Bij de heren zal blijken dat, los van de ploegenachtervolging, de vijf en tien kilometer de grootste kans geven op goed resultaat en de vijftienhonderd meter bijvoorbeeld minder. De vrouwen hebben de laatste twee jaar juist heel goed gepresteerd op de 1500 meter en minder op de vijf kilometer.

Voobeeld: Michel Mulder wordt vierde op de 500 meter tijdens het OKT. Nederland heeft vier startbewijzen op deze afstand. Dat wil echter niet zeggen dat hij zich geplaatst heeft. De matrix bestaat uit achttien plaatsen (de ploegenachtervolging niet meegeteld). De vierde plaats op de vijfhonderd meter zal zeker niet bij de eerste acht plekken staan. De eerste acht plekken, rekening gehouden met twee eventuele aanwijsplekken voor de ploegenachtervolging, geven sowieso recht op deelname aan de Spelen. Mulder zal dus af moeten wachten of verschillende schaatsers meerdere plekken veroveren. Bijvoorbeeld als Jorrit Bergsma de vijf en tien kilometer wint. Mocht Mulder bijvoorbeeld de duizend meter winnen, dan bewijst hij zichzelf een goede dienst. Niet alleen lijkt de kans groot dat de eerste plaats op de duizend meter bij de eerste acht matrixplaatsen staat, en dus rechtstreekse kwalificatie, ook plaatst hij zich dan voor de vijfhonderd meter. Hij neemt dan namelijk niet een extra plaats in.

Binnenkort zal de daadwerkelijke prestatiematrix worden gepresenteerd.