Vorig jaar zorgde een tumultueus NK Inline ervoor dat Kay Schipper heel even moest vrezen voor zijn plaatsing voor het EK. Een diskwalificatie op de 500 meter zorgde er toen voor dat Schipper de rest van het toernooi niet meer in actie mocht komen en hij moest vanaf de kant toezien hoe tweelingbroer Rick er met de Nederlandse titel op de 500 meter vandoor ging. Inmiddels staat er weer een nieuw NK voor de deur, een uitgelezen mogelijkheid voor Schipper om revanche te nemen, zou je denken. Een vervelende blessure dreigt echter roet in het eten te gooien en deelname aan het NK voor de oudste van de Schipper-tweeling op de tocht te zetten.

Vanwege zijn goede prestaties in het voorseizoen mocht Schipper vorig seizoen wel mee naar het EK in Heerde en zijn bronzen plak op de 1000 meter bewees dat dat volkomen terecht was. Ook dit jaar begon Kay goed aan het seizoen, met uitstekende wedstrijden in Geisingen. De 22-jarige Medemblikker doet er dan ook alles aan om fit te worden en dit keer wel mee te kunnen strijden om de Nederlands titels. “Het wordt heel spannend, ik weet nog niet eens of ik het NK wel zal kunnen rijden,” vertelt de onfortuinlijke Kay. “Ik heb een gat in mijn voet en ik kan er geen druk op uitoefenen. Vanmiddag ga ik weer langs de huisarts, om te kijken hoe het verder moet. Ik had eerst gewoon een vochtblaar onder mijn voet, ten gevolge van een brandend voetvlak. Die blaar is toen gesprongen tijdens de tijdrit in Gross-Gerau. De huid was gescheurd en toen is het gaan woekeren en heeft mijn lichaam de huid afgestoten. Het is nu een open wond die weer randje voor randje dicht moet groeien. Dat kan nog heel lang duren, want het zit natuurlijk precies onder mijn voet. Ik heb een gat in mijn sportschoen geknipt, om de druk te verminderen. Nu kan ik in ieder geval weer zonder krukken lopen, maar ik kan er echt totaal geen druk op hebben.”

Op twee juni brandt de strijd om de nationale titels los in Heerenveen en Wolvega. Dat is al over zestien dagen, een korte periode om te herstellen. “Het herstel gaat eigenlijk niet snel genoeg. Tijdens het skeeleren moet je natuurlijk op die plek staan en dat kan nu nog niet. Ik ben wel weer een beetje aan het fietsen, maar echt trainen lukt natuurlijk niet. Mijn voorseizoen was goed, dus die vorm zit nog wel ergens, maar het is niet ideaal. Ik leek alles onder controle te hebben, maar als je kijkt naar de bezetting van de aankomende Nationale Kampioenschappen, wordt het gewoon erg spannend. De gebroeders Mulder doen mee en mijn eigen broer Rick natuurlijk ook. Dan heb je nog Remon Kwant, die vorig jaar geblesseerd was en nu wil laten zien wat hij waard is, en Gerrie van Lingen, die zich als eerstejaars senior natuurlijk ook wil laten gelden. Vorig jaar was er al flinke strijd en dit jaar belooft het ook in alle opzichten weer razend spannend te worden.”

Vorig seizoen kon Schipper in de trainingen en tijdens de landelijke baanwedstrijden zijn vorm nog tonen. Dat is dit jaar anders, aangezien hij zijn blessure al tijdens de tweede wedstrijd van het seizoen opliep en zodoende alleen de wedstrijden in Geisingen heeft als referentiekader. Dat maakt het NK nog belangrijker. “Iedereen wil scherp zijn op het NK, want dat is het belangrijkste selectiemoment. De selectiecommissie probeert de sterkst mogelijke opstelling naar het EK te sturen en daarin is het NK een zwaarwegend moment. Calamiteiten kunnen natuurlijk gebeuren en daar wordt ook wel rekening mee gehouden, maar eigenlijk wil ik koste wat het kost het NK rijden. Als de rest aantoont van hoog niveau te zijn, dan hebben ze mij niet eens nodig. Als de andere rijders niet aantonen van internationaal niveau te zijn, maak ik misschien nog een kansje. Maar ik hoop dat het niet zo ver hoeft te komen, dat ik moet hopen op een kansje. Vorig jaar heb ik op het EK kunnen laten zien dat ik erg goed was en dat het terecht was dat ik daar mocht rijden. Toen hadden we natuurlijk ook het voordeel dat het in Heerde was en er een grote selectie mee kon. Nu zal het EK plaatsvinden in Lagos, Portugal. Dat is natuurlijk duurder, dus er is ook een kans dat er een kleinere selectie meegaat.”

Bloedstollende strijd

Het zou dus ook zomaar kunnen zijn, dat het seizoen er voor Schipper min of meer op zit als hij geen NK kan rijden. “Ja,” verzucht Kay. Het blijft even stil. “Zo gaat het ook met de Olympische Spelen, met het olympisch kwalificatietoernooi. Zorg maar dat je er bent en anders heb je pech,” klinkt het dan. “Het NK is de plaatsingswedstrijd voor het EK en eigenlijk ook voor de World Games. En dat zijn weer de plaatsingswedstrijden voor het WK. Er staat dus flink wat druk op de ketel. Het NK is al een spannend toernooi, want iedereen wil die nationale titels winnen. Voeg de selectiecriteria daar aan toe en je hebt alle ingredi├źnten voor een bloedstollend toernooi.”

Eigenlijk wil Schipper er gewoon staan in Heerenveen. “Als ik rij, zal ik niet in topvorm aanwezig zijn. Ik moet dan hopen op een foutje van iemand anders of dat ik zo goed ben dat ik het me kan permitteren om met minder dan topvorm aanwezig te zijn. Ik wil natuurlijk ook niet van tevoren zomaar opgeven,” zegt hij vastberaden. “Als ik kan starten, ga ik mijn uiterste best doen om me erbij te rijden. Vroeger was de selectiedruk minder hoog, maar nu zijn er veel meer jongens die goed bezig zijn. Dat is natuurlijk goed voor de sport, maar voor mij is het nu wel balen. Ik hoop dat de zestien dagen die nu nog tussen mij en het NK zitten, genoeg zijn om te kunnen herstellen. Mogelijk start ik dan ook op mijn oude skeelers, zodat ik minder last heb van de druk op mijn voet. Het liefst zou ik een beetje voorbereidingstijd hebben, zodat ik voor het toernooi al wat kan skeeleren, maar daar reken ik maar niet op.”

Al met al is de blessure een flinke streep door de rekening van de ambitieuze Schipper: “Ik had in gedachten om het dit jaar helemaal goed te doen. Een goed NK rijden en dan via het EK naar het WK, maar je ziet, je moet altijd een slag om de arm houden. Het belangrijkste is dat ik laat zien wat ik in mijn mars heb. Het liefst doe ik dat via de wedstrijden, maar tussen het NK en het EK zitten nog vier weken waarin ik de rust heb om verder te werken. Maar ja, als je helemaal niet rijdt, kun je ook niks laten zien. Vorig jaar was ik de man met de meeste medailles op het EK, dat hou ik mezelf dan maar voor. En als het niet lukt, dan moet ik me maar in stilte gaan voorbereiden op het WK van volgend jaar,” grijnst hij. “Dat is dan meteen weer een mooi verhaal.”