Column Geert Kuiper:

De laatste dagen in het Olympisch dorp zie je al diverse mensen hun spullen inpakken en naar huis gaan. Ze hebben hun wedstrijden gehad en blijven niet langer. Als lid van het Nederlands team hebben we die keus niet. Voor ons is er een chartervliegtuig waarmee we gezamenlijk terug gaan een dag na de sluitingsceremonie.

Ik ben er hier wel klaar mee, het liefst zou ik me aansluiten bij een groep vertrekkende sporters. Lekker in de bus naar het vliegveld. Hup de lucht in. Een dubbele dosis slaappillen erin en hopen dat ik vlak voor de landingsprocedure weer wakker wordt.

Ik heb een limiet om weg te zijn van huis, haard en boerderij. Vier weken is die grens zo n beetje. Die zijn precies om. Ik begin te verlangen naar sompige weilanden, naar de eerste tekenen van voorjaar. Ik moet nodig een paar mollenklemmen zetten, want ik weet dat ze er elk jaar weer zitten in dat hoge stuk bij het fietspad. Ik wil gewoon een dag met mijn vriendin op de bank zitten en een dag helemaal niksen.

Gelukkig is dit gevoel er vandaag pas, met het eind in zicht. Dat kan ook niet anders. Voor een coach is het belangrijk om energie uit te stralen. Op 31 januari kwamen we hier aan om tijd genoeg te hebben om het tijdsverschil van negen uur rustig te kunnen verwerken.

We zien voor het eerst de aankleding van de Olympische ijsbaan. Iedereen loopt met een fototoestel in het rond. De vrijwilligers hebben een grote glimlach op het gezicht en roepen; kijk daar heb je er één, een Olympiër.

Als vrijwel alle atleten en veel begeleiders zich opstellen voor de openingsceremonie gaat het echt beginnen. Het ontsteken van de vlam door vier Canadese sporthelden is het hoogtepunt van de ceremonie, die mede in teken staat van de rodelaar uit Georgië die verongelukt is bij de training. ‘Verlies terwijl we allemaal winnaars zouden moeten zijn’, schrijf ik later in het condoleanceboek. De ‘games must go on’, niemand die er aan twijfelt, dat is altijd al zo geweest.

Dan komt de gouden 5km race van Sven Kramer, hij blijft overeind waar menigeen had verwacht dat hij uiteindelijk aan alle spanning zou bezwijken. Dat was heel knap en een hele opluchting voor het hele team. Veel tijd om het te vieren is er niet. De volgende dag staat weer de volgende schaatsafstand op het programma. Dat gaat vaak zo, er is nu eenmaal altijd wel weer een volgende wedstrijd totdat het seizoen is afgelopen. De Spelen worden zo een wedstrijd van maar liefst vijftien dagen lang. Nederland is ondertussen op de 1000m dames goed voor twee medailles, Annette Gerritsen en Laurine van Riessen. Dan volgt de tweede zaterdag van de spelen met opnieuw goud, via een magistrale 1500m rit van Mark Tuitert. Dat is een moment wat bij de spelen past. Iemand die helemaal boven zich zelf uit stijgt in het decor van Olympus.

Een dag later is het Ireen Wüst die op het juiste moment een speciale dag tevoorschijn tovert. Nog steeds stellen we het echte feestje uit, we zijn nog niet klaar. De 10km en ploegenachtervolging komen nog met gouden kansen. Dat loopt uiteindelijk allemaal anders. De blooper van de 10km lijkt ‘het’ moment van de spelen te gaan worden. Kemkers en Kramer hebben onbedoeld geschiedenis gemaakt. Ik heb de hele nasleep als verdoofd beleefd. De beste zijn en toch niet winnen. Het heeft me compleet leeg getrokken, net op het moment dat ik dacht dat ik voor deze ene speciale gelegenheid de vierwekenlimiet met gemak zou overschrijden. Het is zaak om nu net zo te reageren als bij de prachtige overwinningen. Dan draait de wereld ook gewoon weer door. Maar ik heb een klein vermoeden dat ik daarvoor eerst weer op de sompige Friese zoden moet lopen.