Column Geert Kuiper:

Bij het verschijnen van mijn vorige column stond het wk voetbal op het punt van beginnen. De oranjegekte, die ik met enige vrees tegemoet keek, heeft op zondag 11 juli 2010 zijn hoogtepunt bereikt. Met een kater spoelen we nu het oranje van ons af, we kunnen nu weer denken aan andere kleuren zoals paars plus. Vanmorgen was de belangrijkste spits weer de ochtendspits.

De, vorige, verloren finales van 1974 en 1978 waarover vooral ‘mijn’ generatie meer frustratie dan trots kan opbrengen zijn niet gewroken. Daarmee was het weer in evenwicht geweest, in de trend van na twee keer verlies is het tijd om te winnen . Zo zie ik het zelf niet, verloren finales blijven natuurlijk verloren aan West Duitsland en Argentinië en Spanje komt daar nu bij. In mijn ogen zijn we een heel klein land op die grote wereldbol en sportsuccessen als het bereiken van de finale moeten we koesteren. Verliezen van Duitsers was altijd nogal extra beladen, het verlies van 1974 woog daardoor extra. Maar onze Louis, Mark en Arjen herstelden daar met nota bene Bayern Munchen het evenwicht,  een opmerkelijk groot deel Medelanders durfde openlijk te stellen voor die club te zijn toen het de Champions league finale ging spelen (en verloor van het Inter Milaan van Wesley Sneijder)

‘Onze’ jongens gingen voor het eerst sinds de jaren 70 all the way en werden uiteindelijk net geen wereldkampioen. Door één wedstrijd te verliezen toen het niet mocht. Een hecht team wat bezig was met winnen en daar alles onderschikt aan kon maken. Bijna on- Nederlands werd een belangrijk stuk sportpsyche aan de dag gelegd, focus op het einddoel; wereldkampioen worden. Een evenwichtige eerste elf onder een evenwichtige bondscoach. Ondanks de uitslag blijft die conclusie rechtop staan.

Dan waren er de evenwichtsbandjes, die dingen om de pols die stralingen neutraliseren en de spelers van het NL elftal allemaal dragen.

Die bandjes vliegen momenteel de deur uit, een echte hype. Daar gaat iemand steenrijk van worden, ongeveer 35 euro betalen voor een plastic bandje, reken uit je winst. De schaatsers van de TVM schaatsploeg hebben inmiddels ook een bestelling gedaan. Daar waar ze eerst erg sceptisch waren heeft het succes in Zuid Afrika dat beeld veranderd. Baat het niet dan schaadt het niet, zo wordt geredeneerd. Een schaatser is uiteraard ook graag in evenwicht. In deze sport draait alles om evenwicht.

Met inzichten in energiestromen, magnetische velden, knopen in je lijf, accupunctuur, klankschaalmassages, bidden, mediteren, yoga, sjamanisme, vasten, mind mapping, sacred merkaba, vingerhoedskruid en al wat zich onder deze groep nog meer aan dient, is het bandje is aan mij (nog) niet besteed. Ik ben liever vanuit mijzelf in evenwicht, totdat het tegendeel bewezen is uiteraard.

Ondertussen in Thialf was het zomerijs niet aan te slepen. Met de helse opwarming van de aarde is het misschien een idee om de aarde in te pakken in een reusachtige plastic band zodat de natuur weer in evenwicht geraakt. De ijsbaan voelde als een oase in de broeierige dagen, maar Koning Thialf had moeite om de energie te genereren om ijs te maken. Op een hete vrijdagmiddag toen we het Nederlands record temperatuur net niet haalden (38,6 graden in augustus 1944) sloot men de deuren na twaalf uur. Vier uur voor de aftrap van Nederland-Slowakije, maar dat was toeval. Gelukkig herstelde een verfrissend buitje het evenwicht en konden we alle geplande trainingen draaien. Een tweede poging van de natuur bracht een krachtig onweer teweeg, waarmee het zomerijs van dit jaar bijna symbolisch eruit werd gedonderd.

Op het ijs met de schaatsteams is (bijna) alles weer in evenwicht. De onzekere periode waarin veel schaatsers en trainers ploegen zochten en andersom is afgesloten. Er rijden nog een paar onverwachte eenlingen rond, maar het gros heeft de beschutting van een team gevonden. Daarbij was nog een verrassende transfer, die van ‘onze’ Paulien van Deutekom naar Control. Dat voelt nog niet helemaal in evenwicht, soms heb je dat met een ex-pupil.

Als laatste vorm van evenwicht, al zou ik nog tijden kunnen doorgaan, kom ik terug op een belofte uit een vorige column, waarbij ik mijn nieuwe taken in de TVM staf nader zou belichten. Mijn nieuwe taken hebben veel te maken met het bewaken van het evenwicht binnen het team, de verhoudingen tussen stafleden, schaatsers, de sponsors, de pers, de buitenwereld. Het ‘cement tussen de stenen zijn’ staat zelfs in mijn taakomschrijving. ‘Zorgen dat er geen bramen ontstaan als er zand op het ijs ligt, door goed te observeren waar dat zand ligt’. Om goed te kunnen observeren ben ik de meeste trainingen en trainingskampen aanwezig. Natuurlijk sta ik niet alleen maar te kijken, ik zal zeker de handen uit de mouwen steken waar het nodig is. Daarbij ben ik vooreerst nog steeds schaatstrainer, maar daarin ondersteunend aan Gerard Kemkers en Bart Veldkamp. Dat moet dan allemaal uiteindelijk weer ten goede komen aan het hele team. Een team met een focus op het einddoel en niet op nevenzaken. De doelen voor een team als TVM hoef ik hier niet op te schrijven, die worden wel voor ons opgeschreven. Laten wij ons daardoor, net als het Nederlands elftal, niet uit evenwicht brengen, al is dat misschien een wat onevenwichtige vergelijking.