Column Geert Kuiper:

De zomer is er vroeg bij dit jaar, zonovergoten dagen. Overal wordt al beregend en het is nog maar april. Een belegen boerenspreekwoord zegt; ‘een droge maart is goud waard, als april maar natten wil’. Het ideaal scenario voor de boer die zijn weilanden weer mooi egaal en groen wil hebben. Regen in april is dus dringend nodig om het ideale plaatje te vormen, maar het valt niet. Klagen over dit weer lijkt behoorlijk onredelijk en toch…….  Oh ja, boeren klagen altijd.

Met dit weer is het nog lang geen tijd om aan schaatsen te denken, maar toch wordt dat al weer volop gedaan. De gebruikelijke wisselingen zijn al aan het eind van de winter voorgekookt en nu wel of niet tot waarheid gemaakt.

In schaatsland zijn de grote teams, net als de natuur toch wat aan het opdrogen. TVM heeft een groot budget, maar vond toch niet meer ruimte om een achtste schaatser in de persoon van Hein Otterspeer aan te trekken. Het budget voor dit komende seizoen was al begroot (en uitgegeven) en daar zit verder geen rek meer in. Ook niet als vervanger voor Sven Kramer (is dat mogelijk?) want die schaatst komende winter echt wel weer op hoog niveau wedstrijden, daarvan ben ik overtuigd.

In de tijd van kredietcrisis is een reclamebudget een bedrijfsonderdeel geworden, waarover zeer gewogen beslissingen vallen. Control lukt het maar niet om de tweede sponsor te vinden die het al meer dan een jaar zoekt. Hofmeier timmert leuk aan de weg, maar ook daar is het budget niet overvloedig. BAM werd vorig seizoen een belangrijke langebaanploeg, maar kende een roerige tijd op weg naar de toekomst. Liga draaide vorig jaar met een dispensatie en diende dit jaar te groeien tot minimaal zes schaatsers. De keuze om een volledig damesteam te blijven is logisch. De als trainer onervaren Marianne Timmer aanstellen heeft ook iets logisch, tenminste als je het ontstaan en  management van het team bekijkt. Een jonge (pas actief gestopte) generatie trainers dient zich sowieso aan. Gerard van Velde is komend seizoen de baas bij APPM en ook Renate Groenewold krijgt veel verantwoordelijkheid, mede gezien de werktitel van de nieuwe ploeg ‘team Groenewold’. Dat team is trouwens ook volledig damesteam, zodat de vrouwelijke schaatsers ineens volop mogelijkheden hebben om goed onderdak te komen. Moeilijker ligt dat bij de allround heren. APPM stootte die tak af en Hofmeier koos voor Sjoerd de Vries, een middenafstand specialist. Van de twaalf heren die vorig jaar de laatste afstand wisten te halen op het NK allround, zit de helft nog zonder een ploeg, inclusief de eerstejaars senioren Frank Hermans en Maurice Vriend.

De doorstroming uit jong oranje is een punt van aandacht voor de KNSB. Ooit was daar nog de opleidingsploeg KNSB die faciliteiten bood als brug tussen jong oranje en de merkenteams. Met het verdwijnen ervan is er een steeds groter gat aan het ontstaan. De structuur van opleiden leidt op die manier ook aan uitdroging. Ik ben groot voorstander van het opwaarderen van de Gewesten, of misschien selectiegroepen op de ijsbanen. De leden van jong oranje zijn mij te jong en worden vooral opgeleid voor de WK junioren. Dus niet voor de WK senioren. Op jonge leeftijd volledig in Heerenveen wonen en vertroeteld worden in aandacht en spulletjes kan na twee jaar heel moeilijk weer terug worden gedraaid. Met een terug naar af gevoel zoekt bijvoorbeeld een Maurice Vriend een goede trainingsgroep. Dat werkt demotiverend en maakt de investering van twee jaar jong oranje op slag weinig rendabel. Inmiddels zijn er al een aantal talentvolle rijders tussen wal en schip gevallen of zelfs al gestopt.

Zou het niet meer opleveren als jong oranje een leeftijdsgrens opschuift en jonge senioren bevat die nog niet klaar zijn voor de doorstroom. Geef de Gewesten een budget, waarvoor ze aan een aantal kwaliteitseisen moeten voldoen, qua kader en faciliteiten. Ze raken hun beste junioren dan ook niet kwijt aan ‘Heerenveen’, of slechts tijdelijk als er voor de echte toppers onder hen topsportdagen worden georganiseerd. Daar krijgen ze kans elkaar beter te leren kennen, om met elkaar te trainen en eventueel getest te worden, zodat er enige data ontstaat, wat later belangrijk kan worden bij de transfer naar een hoger level. Er past volgens mij een systeem van vergoedingen bij doorstroom. Levert een club een rijder aan een Gewest, een Gewest naar ‘doorstroom team KNSB’ of naar merkenteam dan is er een vergoeding. Wederom niet zomaar een vergoeding maar een waarborg voor het systeem.

Ach de ideale wereld, misschien zou een merkenteam als het onze zelf een opleiding moeten hebben. Maar schaatssponsors en merkenteams zijn van tijdelijke aard. Het is geen voetbalclub die al meer dan honderd jaar bestaat. Ze scoren lang of kort met hun A merk en via de KNSB doen ze iets aan opleiding. Dat is hoe het gaat en die bron is nog lang niet opgedroogd. Positief kijk ik naar het stralende buiten. Ik ga straks de sproeier nog maar eens aanzetten. De natuur zich moeilijk sturen, maar alle kleine beetjes helpen.